Biobased Economy | Groningen als belangrijke landbouwsector

biobased in Groningen

biobased in Groningen

Groningen heeft van oudsher een belangrijke landbouwsector en dus veel nuttig afval. En ook al heette dat vroeger nog niet biomassa, de boer wist wel degelijk dat het een waarde vertegenwoordigde. Plantaardig afval werd verwerkt tot veevoer en mest ging weer terug op de akker. Sinds de 19e eeuw werd stro op grote schaal verwerkt tot karton. Daaruit is een aanzienlijke papier- en kartonindustrie ontstaan in Groningen. Bovendien ontstond daaruit iets anders: samenwerking en begrip tussen verschillende economische sectoren. De landbouwer moest zijn productieproces een beetje aanpassen om ervoor te zorgen dat zijn restproduct stro van waarde was voor de kartonfabriek. Door samenwerking kon voor de regio een veel grotere economische waarde worden gecreëerd.

Een vergelijkbare samenwerking zien we nog steeds op veel plekken in Groningen. Het chemiecluster in Delfzijl, Chemport Europe is een mooi voorbeeld. Twaalf afzonderlijke bedrijven lijken samen één complex productieapparaat te vormen. Het eindproduct van de één is grondstof voor de ander, het restproduct van die ander is grondstof voor nummer drie, en ook restwarmte wordt op grote schaal opgevangen en nuttig gebruikt.

Als productieprocessen zo nauw op elkaar afgestemd kunnen worden, dan is daarmee misschien de belangrijkste basis voor een biobased economy al gelegd. Het zal dan ook niet verbazen dat de transitie naar biomassa als grondstof een belangrijk thema is in het chemiecluster Delfzijl.

Inmiddels is de regio Groningen door de Europese Unie aangewezen als een van de zes voorbeeldregio’s voor de biobased economy.