Munnekeholm

Evert Jan Thomassen à Thuessink (1762-1832), zoon van een Zwolse burgemeester, studeerde Wijsbegeerte en Geneeskunde en promoveerde in Harderwijk en Leiden. Na een studiereis naar Parijs, Londen en Edinburgh was hij werkzaam als medicus, eerst in Zwolle, daarna in Den Haag. In de Hofstad was hij ook geneesheer van de Raad van State. In 1794 werd hij benoemd tot hoogleraar Pathologie, Therapie, Kliniek en Medicina Forensis aan de Groninger Academie.

Thomassen à Thuessink heeft veel betekend voor de praktische geneeskunde, ook internationaal gezien. In 1797 gaf hij de aanzet voor een eerste academisch ziekenhuis (‘Nosocomium Academicum’) in Groningen, waarmee hij het fundament voor het huidige UMCG legde. In twee zaaltjes met acht bedden sloeg Thomassen à Thuessink een brug tussen praktijk en onderwijs. De hoogleraar publiceerde veelvuldig over de waarnemingen die hij in de vroege jaren van het ziekenhuis deed. Daarnaast had hij bijzondere aandacht voor besmettelijke ziekten en epidemieën.

De gemeente Groningen besloot in de vorige eeuw om zeventien nieuwe straten rondom ziekenhuis en faculteit de namen te geven van hoogleraren die een belangrijke rol speelden in de geschiedenis van die beide instellingen. Naast die eigen straat houdt de Thomassen à Thuessinkpenning de herinnering aan de wetenschapper in leven.

Het UMCG nodigt ieder jaar een internationaal gewaardeerd wetenschapper uit om de Thomassen à Thuessinklezing te geven. Bij deze gelegenheid krijgt hij of zij de Thomassen à Thuessinkpenning uitgereikt. penning is een internationale prijs die wordt toegekend voor unieke prestaties op het gebied van (top)patiëntenzorg, onderwijs en opleiding of onderzoek met buitengewone betekenis voor de geneeskunde.