Groningse kennis maakt rolstoelen steeds beter › City of Talent

Groningse kennis maakt rolstoelen steeds beter

Groningse kennis maakt rolstoelen steeds beter

Groningse kennis maakt rolstoelen steeds beter

Rolstoelsporters kijken naar Groningen. Daar werken universitair docent Riemer Vegter en de zijnen continu aan het verbeteren van de aandrijving van rolstoelen, zowel techniek als spierkracht.

Een prothese staat in de hoek van zijn werkkamer, voorzien van een nieuw voortbewegingssysteem. Een paar deuren verderop de échte werkkamer. Zo’n lab waarop mensen uit de alfahoek altijd jaloers zijn. Vol mooie – veelal zelf ontwikkelde – techniek. Carbonwielen, geavanceerde camera’s, aangepaste loopbanden. En rolstoelen.

,,Wat wij hier eigenlijk doen, is de hele beweging van een rolstoel onder de loep nemen en de menskracht die daarvoor nodig is. En daar komen verrassende dingen uit’’, vertelt Riemer Vegter. Hij is universitair docent Wiskunde en Biomechanica bij het Centrum voor Bewegingswetenschappen. Een wetenschapper die tot de verbeelding spreekt. Afgelopen jaar werd hij uitgeroepen tot webdocent van het jaar aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Hoe dat kan? Omdat Vegter goed en leuk inzichtelijk kan maken waar zijn onderzoek over gaat. Over het echte leven voornamelijk. ,,Wij zijn hier natuurlijk met onderzoek bezig, maar met de bedoeling het leven van rolstoelers er direct mee te verbeteren. We laten zien hoe revalidatieartsen betere resultaten kunnen behalen bijvoorbeeld, maar ook hoe gehandicapte topatleten hun prestaties kunnen verhogen.’’

Betere hoepels

Vegter bekijkt minutieus hoe de kracht die rolstoelers zetten om hun stoel in beweging te krijgen precies wordt opgebouwd, verdeeld en overgebracht. In het eigen lab veel, maar ook in het veld. ,,We doen veel onderzoeken bij rolstoelbasketballers, - tennissers, en –rugbyers. We bekijken bijvoorbeeld naar het verschil in kracht tussen de ene en de andere arm en denken na over manieren om dat verschil via techniek te compenseren. Je kunt denken aan het variëren in de omvang van de hoepels bijvoorbeeld, maar ook in de pure techniek van de rolstoeler.’’

Dat zijn topsporters. Maar ook voor de ‘gewone’ rolstoelgebruiker zijn de Groningse onderzoeken meer dan nuttig. Vegter: ,,Waar we naar op zoek zijn is de meest ideale verhouding tussen spierkracht en voortbeweging van de rolstoel. En ook hoe je die verhouding het beste kunt aanleren, bijvoorbeeld als je een dwarslaesie hebt en moet ontdekken hoe zo’n rolstoel werkt. Je wilt soepel vooruitkomen en vooral niet een blessure aan je schouder oplopen natuurlijk.’’

Racket in de hand

In prachtige diagrammen kan Vegter exact tonen wanneer welke hoeveelheid kracht komt kijken bij het rolstoelen. ,,Kijk, dit is een grafiek van een rolstoeltennisser. Die zitten natuurlijk altijd met een racket in één hand. Daardoor moeten ze met die hand veel sneller en venijniger kracht zetten om hun stoel wel rechtdoor te laten gaan. Dat kunnen we hier precies laten zien. En nu zijn we dus bezig manieren te ontwikkelen om daar wat aan te doen. Wat? Ja, dat is nog even een geheim.’’

 

In het Groningse lab worden regelmatig proefpersonen behangen met sensors. De speciale serie camera’s gebruikt die sensors om elke beweging nauwkeurig te registreren.Maar niet alleen de proefpersonen worden gemeten. Ook speciale wielen hebben die functie, net als de rollende ondergrond. ,,Ja, wat wij hier hebben, zie je niet zo veel. Het mooie is dat we veel van de technologie zelf ontworpen hebben en gemaakt samen met de technische dienst. Hier zoeken we uit hoe het zit, in de praktijk passen we die kennis toe.’’

Rolstoelrugbyers

In revalidatiecentra bijvoorbeeld wordt goed geluisterd naar de Groningse kennis over hoe mensen op de beste manier ‘rolstoelen’ kan worden aangeleerd. Over de ideale hoek van het schoudergewricht, de beste zithoogte en meer. Maar ook over hoe je mensen het beste traint in het omgaan met hun rolstoel.

In de topsport is de Groningse faculteit al een begrip. ,,We waren samen met een universiteit in Engeland, om daar rolstoelrugbyers van het nationale team te meten, met als uiteindelijke doel dat ze hun krachten efficiënter benutten. Heel bijzonder om te zien hoeveel verschil er zit in het krachtgebruik tussen de linker en de rechter schouder. Maar dat iedereen toch gewoon rechtdoor gaat. Wij compenseren onszelf dus onbewust. Het menselijk lichaam is wat dat betreft geweldig.’’

Hyperintelligente rolstoelen

De techniek kan daar nog een puntje aan zuigen, hoewel de fabrikanten – ook met behulp van ‘Groningen’ – niet stil zitten. Vegter: ,,Je zou zeggen dat een elektrische hulpmotor in rolstoelen een nuttige toevoeging is. Maar wij hebben gemeten dat dat niet altijd opgaat. Omdat niemand precies symmetrisch aan de hoepels trekt, krijg je door de motor te maken met extra geslinger. Met als gevolg dat de besparing lang niet zo groot is als je zou hopen.’’

Niet dat er op dat gebied helemaal niets gebeurt. ,,We werken aan rolstoelen die steeds slimmer worden samen met de TU Twente en een fabrikant. Die rolstoelen worden zo slim, dat ze zich aan jou aanpassen. Bijvoorbeeld dat je naarmate de dag vordert, steeds meer ondersteuning krijgt van de elektromotor. Of over de jaren heen steeds meer, wat je maar nodig hebt om zo actief mogelijk te blijven zonder overbelasting. Je kunt ook denken aan wielen die tijdens de revalidatie veel steun geven en later steeds minder. En intussen meten ze hoe het verder met je gezondheid gaat. Die kant gaan we op.’’

Internationaal congres in Groningen

Het zesde Internation ReHab Move Congress is dit jaar in Groningen. Drie dagen lang komen experts vanuit de hele wereld spreken over hun werk op het gebied van revalideren en rolstoelgebruik. Én over hun ervaringen. Rolstoeltennisster Esther Vergeer vertelt daar bijvoorbeeld over. Het congres vindt halverwege december plaats.