Garnalendoppen zijn misschien wel goud waard › City of Talent

Garnalendoppen zijn misschien wel goud waard

Garnalendoppen zijn misschien wel goud waard

Garnalendoppen zijn misschien wel goud waard

Ze werden decennialang met tonnen tegelijk weggegooid: doppen die na het pellen van garnalen overblijven. Zonde, zo blijkt uit onderzoek van hoogleraar microbiologie Gert-Jan Euverink. Met zijn studenten aan de Rijksuniversiteit Groningen zet hij een bedrijf op om de doppen een tweede leven te geven.

Bodemverbeteraars kunnen eruit ontstaan, grondstoffen voor de voedingsindustrie, stofjes voor betere verf, zetmeelvervangers, conserveringsmiddelen, en wie weet  wat allemaal nog meer. In garnalendoppen zit van alles. Hoogleraar Gert-Jan Euverink en de zijnen zoeken uit wat precies, hoeveel en waarvoor het toegepast kan worden.

,,De mogelijkheden zijn groot. De stof chitosan die we uit de doppen halen, is antibacterieel. Het zou mij zeker niet verbazen als de stof bruikbaar blijkt voor het succesvol maken van coatings voor implantaten. Maar je kunt ook denken aan verf voor schepen waar dankzij de chitosan niet of nauwelijks algen meer op groeien.’’

,We hebben schimmels gevonden die in staat zijn om de chitine af te breken. Om chitosan te krijgen moeten we daar vervolgens één molecuul uit halen. Dat is biochemie. En dat lukt dus.

Dure afvalberg weg

Chitosan is een stof die wordt gewonnen uit chitine, een bouwstof in de celwanden van het exoskelet van garnalen. Microbioloog Euverink is altijd al geïnteresseerd geweest in de vraag: wat kunnen we met alles wat we om ons heen hebben? En dit is een voor hem typisch antwoord: veel meer.

,,Dat het garnalendoppen zijn geworden waar ik me nu veel mee bezig houdt, heeft alles te maken met de nabijheid van de garnalenproductie. Garnalenverwerker Telson in Lauwersoog zat in zijn maag met een dure afvalberg, ik zag de mogelijkheden dat afval op te waarderen tot nieuwe grondstoffen.’’

Het is een combinatie van microbiologie en microchemie die Euverink via zijn studenten op de garnalendoppen loslaat. ,,We hebben schimmels gevonden die in staat zijn om de chitine af te breken. Om chitosan te krijgen moeten we daar vervolgens één molecuul uit halen. Dat is biochemie. En dat lukt dus. Weet je wat het mooie is? Alle insecten hebben zo’n exoskelet, zo’n pantser. Dus onze techniek is toepasbaar op veel meer dan garnalen alleen.’’

Startup in de maak

De hoogleraar is bezig een startup op te richten om de markt te kunnen bedienen met chitosan en chitine. ,,Ja, ik ben ervan overtuigd dat daar behoefte aan is. Het past helemaal in de uitdaging waar we met zijn allen voor staan, namelijk producten beter maken door middel van biologische functionaliteit. De interesse voor chitosan is groot.’’

De biobased economy dus. We zitten nog maar aan het begin daarvan, zegt Euverink. Maar het is nu wel tijd om beslissingen te nemen, te beginnen, knopen door te hakken. Hij haalt de bekende biomassapiramide graag aan. De toplaag is voor afval dat kan worden omgezet in grondstoffen voor de farmaceutische industrie, daaronder komen respectievelijk menselijke voedingsmiddelen, veevoer, chemicaliën voor de industrie en uiteindelijk blijft energie over.

Natuur biedt meer

,,Het punt is dat die lagen horizontaal prima met elkaar spreken, maar dat er verticaal weinig begrip is. Dat leer ik mijn  studenten Technische Bedrijfskunde daarom allemaal: dat zij de taal van elke laag in het proces moeten kunnen spreken. Zij moeten straks het verschil gaan maken, zodat we nog efficiënter met onze biomassa kunnen omgaan.’’

Vraag en aanbod moeten in lijn komen, agro en biochemie moeten worden verbonden. Typisch iets waar Euverink zich al jaren mee bezig houdt. ,,We leren veel van de natuur en kunnen er nog veel meer uithalen. Dat onderzoek gaat gewoon door. Chitine is in dat opzicht maar een klein voorbeeld van wat er allemaal mogelijk is.’’

BioBRUG

Gert-Jan Euverink was jarenlang directeur van BioBRUG, een netwerk van onderzoekers aan de Rijksuniversiteit Groningen en lokale bedrijven uit de biobased economy. Met als doel om gezamenlijk nieuwe technologieën te ontwikkelen en vermarkten. Het project BioBRUG liep onlangs ten einde, maar de kans op een doorstart is – vanwege de gerealiseerde successen – groot.